Een nat pak!
Gisteren hadden we het plan opgezet om met ons vieren naar Kapermolen te gaan zwemmen. Alles netjes ingepakt, en vertrekken. Thuis schenen er nog zeven zonnen, maar de lucht boven Hasselt was toch van een donkerder kaliber. De twijfel slaat toe in de gezinswagen, en halfweg ruilen we bestemming Kapermolen voor bestemming Sportcentrum van Genk, een overdekt zwembad. Aan het volgende verkeerslicht veranderen we nog eens van gedacht en keren we terug. Onze gedachten stonden op het openluchtzwembad, en dus…
Het was al jaren geleden dat ik nog in Kapermolen ben gaan zwemmen. En we worden snel ouder, want het overkomt me steeds vaker dat “jaren geleden” neerkomt op iets als “bijna twintig jaar geleden”!
We stappen tegen de stroom van vertrekkend jong volk naar de ingang en betalen netjes de inkom, en krijgen nog mee dat we uit het water moeten als het zou beginnen te onweren. Ondertussen is het zwaar bewolkt, en de hoop dat het over zou waaien heeft reeds een ijdel trekje. Maar goed, we zijn vastberaden. We begeven ons naar het peuterbad en trekken onze kleren uit. Toon trekken we een zwemluier aan, en we gaan het water in.
Het was zalig. Wannes en Toon hebben ervan genoten, en van de watervrees die Wannes een half jaar geleden had, is nog weinig te merken.
Amper tien minuutjes in het water voel ik nattigheid op mijn schouders — een gevoel dat in het ploeterbad wel eens kan wijzen op een beginnende bui. Vervolgens begint het licht te bliksemen. Uit het water en aankleden. Dan begint het harder te regenen. Half aangekleed reppen we ons naar het afdak. Dan breekt er een handvol wolken en begint het te gieten. We kunnen ermee lachen. Ach, het waren misschien maar tien minuten, maar het was wel plezant.
Dan bedenk ik me dat we thuis zijn vertrokken zonder te kijken of alle ramen dicht zijn. Alarm. Want dit is het soort regen — en wind — waarbij je geen raampje open wilt hebben staan. Zelfs niet op kip.
We moeten naar huis. Door de gietende regen, en met twee kleine kinderen stappen we naar de wagen en door de storm rijden we gezwind naar huis. Wat gaan we daar aantreffen? Als er maar geen ramen wagenwijd openstaan… Het is gelukkig niet zo: alle ramen zijn netjes dicht.
Vervolgens een combinatie van afdrogen, (Pieter) de noodafwatering van onze verbouwing wat bijstellen, (Els) bekomen van helse koppijn en (Pieter) ingrediƫnten halen voor wat voorgerechtjes bij de lasagne. En vanzodra het eens terug mooi weer is: naar Kapermolen.